Blijven we de kop in het zand steken of durven we onze nek uit te steken
10/11/11

Zorg in het buitenland, eindelijk een zorg minder. De zorgkosten stijgen deze kabinetsperiode met 10 miljard euro. Dit heeft grote invloed op betaalbaarheid, toegankelijkheid en bereikbaarheid van zorg in de toekomst. Tal van maatregelen worden dan ook getroffen zoals het verhogen van de premie en het eigen risico en het verkleinen van het zorgpakket.

Hierdoor nemen de kosten op andere terreinen zoals maatschappelijke ondersteuning (WMO) of de bijstand (WWB) alleen maar toe. Waarom zijn we niet in staat om uit ons dogma te stappen dat ‘zorggeld’ in Nederland moet blijven? En waarom kijken we niet naar de mogelijkheden om zorg in het buitenland transparant en gecontroleerd aan te bieden? De Tweede Kamer heeft het idee dat zorg in het buitenland slechts plaats vindt tijdens vakanties of het overwinteren in een warm land. Hierbij kan met een zorgpas van de zorgverzekeraar gebruik worden gemaakt van de daar aanwezige particuliere zorg. Zorgverzekeraars vergoeden de kosten graag, want deze zijn vele malen goedkoper dan wanneer dezelfde zorg in Nederland zou zijn genoten. In realiteit verblijven vele ‘overwinteraars’ grote delen van het jaar in een mediterraan oord. Hier betalen ze geen lokale belastingen, terwijl ze wel van alle voorzieningen in dat land gebruik maken. Ze kunnen particuliere zorg nuttigen, omdat ze gewoon in Nederland ingeschreven staan en daar de premie van de zorgverzekering betalen.
In een landelijke krant van zaterdag 22 oktober stond op pagina 2 een kleine oproep van de gepensioneerde mevrouw Van den Hoogenband uit Amstelveen. Zij gaf aan dat ze graag naar een zuidelijk land wil vertrekken, maar dat de huidige wetgeving het haar belemmert. Immers, emigreer je naar een ander Europees land, dan moet je de torenhoge Nederlandse premie betalen met een opslag. Hier krijg je de plaatselijke zorg voor terug. Haar pleidooi was om senioren met hun zorgpolis te laten vertrekken, zodat ze de Nederlandse zorg niet verder belasten en ook nog eens ruimte maken op de woningmarkt. Deze mevrouw slaat de spijker op de kop!

Toen op 1 januari 2006 de zorgverzekeringswet (ZVW) van kracht werd, had dit desastreuze gevolgen voor de Nederlandse residenten in het buitenland. Dit gaat om mensen die in de jaren voor 2006 Nederland hebben verruild voor een ander land, met behoud van hun ziekenfonds of particuliere verzekering en de AWBZ. Men vertrok vaak om gezondheidsredenen en had een goedkoper, warmer en vaak gezonder bestaan zonder zich te bekommeren over eventuele zorg die in de toekomst nodig zou zijn. Bij de invoering van de ZVW werden deze residenten zogenaamde ‘Europese verdragsgerechtigden’. Dit betekent dat men verplicht verzekerd werd in Nederland voor de zorgverzekering met bijbehorende premiebetaling, maar daarvoor in de plaats opeens de zorg van het woonland kreeg. Daarnaast werd de vrijwillige AWBZ afgeschaft zodat men die zorg ook niet meer kon krijgen in het buitenland. Er was geen keuze, men werd verzekerd bij het College voor Zorgverzekeringen (CVZ) die de premie met opslag door middel van bronheffing int. Resultaat is dat er een buitengewoon ingewikkelde en dure regeling ‘buitenlandzorg’ is ontstaan. Bij de betrokkenen slonk het vertrouwen in de politiek dan ook volledig.

De belangenvereniging KB 746 heeft ver voor de invoering van de ZVW de politiek gewezen op deze gevolgen. Een aantal pijnpunten zijn opgepakt. Het pleidooi om een ‘opting-in’ regeling te realiseren in de ZVW is echter nooit gehonoreerd. Deze opting in zou betekenen dat iedere resident of toekomstige resident eenmalig de vrije keus heeft om te vallen onder de Europese regelgeving - en daarmee verdragsgerechtigde te zijn - of hier van af te zien. In het laatste geval kiest de (post actieve) resident of toekomstige resident zelf zijn eigen verzekering. Dit kan een verzekering zijn in Nederland of natuurlijk in het nieuwe woonland.
Deze mogelijkheid kan vanaf 2015 alsnog gerealiseerd worden als bepaalde Europese Verordeningen kunnen worden gewijzigd door de lidstaten. Hierbij moet afgesproken worden dat Nederland niet langer de andere EU-lidstaten een vastgesteld budget geeft waarmee de zorg die genuttigd wordt door Nederlanders in het betreffende land betaald wordt, maar gewoon op basis van feitelijk gemaakte kosten. Dan heeft het zin om hiermee iedere (toekomstige) resident de keuze te geven zelf zijn ziektekostenverzekering en AWBZ te regelen, zodat niet dubbel betaald hoeft te worden via de verplichte zorgverzekering vanuit Nederland en de eigen afgesloten verzekering.

Dit is een optie die past bij echte marktwerking in de zorg en een Europa waar vrij verkeer van personen, diensten en goederen centraal staat. Het wordt goedkoper voor iedereen. De zorgverzekeraars kunnen een concurrerende polis aanbieden aan Nederlandse residenten en in alle openheid contracten sluiten met betaalbare en kwalitatief goede zorgaanbieders in het buitenland. Deze zorg kan juist ook aan inwoners in Nederland aangeboden worden. Het CVZ kan daarnaast grotendeels af van de tientallen miljoenen kostende administratieve regeling voor de residenten. Deze opting in-regeling kost de overheid niets - de residenten betalen tenslotte zelf hun verzekering - en zorgt voor grote besparingen aan curatieve en AWBZ-zorg, omdat goedkopere zorg elders wordt geconsumeerd.

Overheid, grijp deze kans om de zorg toegankelijk, bereikbaar en betaalbaar te houden voor iedere Nederlander waar dan ook in Europa. Zorgverzekeraars, denk na en biedt een goede zorg- en AWBZ-polis aan voor (toekomstige) residenten en houdt daarmee de kosten voor de eigen organisatie en de zorg in de hand. NZA, ga aan de slag met de zorgverzekeraars om een eenvoudig systeem van kwaliteit, transparantie en controle te ontwikkelen voor zorgaanbieders met wie ook nu al contracten worden afgesloten in het buitenland.

Myra Koomen
Voormalig CDA Tweede Kamerlid
Wethouder Gemeente Enschede